De maten op het kentekenbewijs
| Code | Betekenis |
|---|---|
| F.1 | Technisch toelaatbare maximummassa: wat de fabrikant toelaat |
| F.2 | Toegestane maximummassa: wat in Nederland is toegestaan |
| G | Massa rijklaar, de lege auto met een vaste toeslag voor bestuurder en brandstof |
Het verschil tussen de toegestane maximummassa en de rijklaarmassa is het laadvermogen: alles wat erbij komt, inclusief passagiers, uitrusting, daktent, water en een lier. Bij een terreinauto met een rijklaarmassa van 2300 kg en een toegestane maximummassa van 3000 kg is dat 700 kg. Met twee inzittenden, een daktent, een ladesysteem, 60 liter water en een volle koelbox is dat sneller bereikt dan verwacht.
Rijbewijs B
Met een rijbewijs B mag een auto met een toegestane maximummassa tot 3500 kg worden bestuurd. Sommige pick-ups en zwaar uitgeruste terreinauto's zitten daar dicht bij of erboven. Wie de toegestane maximummassa wil verhogen, doet dat via de RDW, en als de nieuwe waarde boven de technische maximummassa uitkomt, eerst via fabrikant of importeur en daarna met een keuring. De RDW beschrijft de procedure.
Wegen
- Auto volledig beladen zoals voor de reis, met volle tanks en water.
- Naar een openbare weegbrug, zoals bij een grondverzetbedrijf of een agrarische coƶperatie.
- Eerst de hele auto, daarna alleen de vooras en alleen de achteras, als de weegbrug dat toelaat.
- De uitkomsten vergelijken met de toegestane maximummassa en de maximale aslasten uit het instructieboekje.
Lading vastzetten
Bij een noodstop werkt op losse lading een kracht die een veelvoud is van het eigen gewicht. De Europese norm voor ladingzekering, EN 12195-1, rekent voor wegvervoer met 0,8 keer het gewicht naar voren en 0,5 keer naar achteren en opzij. In het terrein, bij hobbels en schuine stukken, komen daar verticale krachten bij.
| Middel | Geschikt voor | Niet geschikt voor |
|---|---|---|
| Spanband met ratel | Zware lading: watertanks, jerrycans, gereedschapskist, koelbox | Kwetsbare spullen zonder bescherming |
| Vrachtnet | Bagage en tassen in de laadruimte of op het dak | Losse zware voorwerpen |
| Elastiekkoord | Lichte spullen op hun plek houden: jassen, tarp, stoelen, zakken | Zware lading, omdat het koord rekt en bij een noodstop niet tegenhoudt |
| Vaste bevestiging | Brandblusser, verbanddoos, bergingsmateriaal | Spullen die vaak verplaatst worden |
Sjorpunten
Spanbanden horen aan vaste sjorogen of aan het ladesysteem, niet aan hoofdsteunen, stoelframes of losse bekleding. Een scheidingsnet of -rek tussen laadruimte en cabine houdt lading uit het interieur bij een aanrijding of een kanteling.
Rijgedrag met gewicht
- Langere remweg: vroeger en rustiger remmen.
- Hoger zwaartepunt bij lading op het dak: bochten en zijhellingen met meer marge.
- Bandenspanning volgens de waarde voor volle belading.
- Vering: een doorgezakte achterkant kost bodemvrijheid en richt de koplampen omhoog.